[dropcap size=dropcap]M[/dropcap]ama, als ik later groot én vet ben, ik word Sumoworstelaar. Ik had het ooit tijdens het ontbijt als driejarige peuter met een gezicht vol choco moeten zeggen, La Mama ging eens goed gelachen hebben. In Japan daarentegen zouden ze blij zijn. De gemiddelde Japanner is namelijk niet groot, noch vet. Daarbovenop hebben die sumoworstelaars een status vergelijkbaar met wielrenners en internationale voetballers bij ons. Er zou zelfs iets religieus of goddelijk mee gemoeid zijn.

U herinnert zich misschien wel nog mijn bezoek aan Japan in januari. Mocht u zich dit niet herinneren, hier volgt wat opfrissing: Japan 1, Japan 2, Japan 3, Japan 4 en Japan 5. Er zijn een zestal grote sumoworsteltornooien (Basho’s) gedurende het jaar. Vergelijk het met de Grand Slams uit het tennis. Eén van die tornooien vond plaats in Tokyo in januari op het moment dat ik er was. “Once in a lifetime”, dus kocht ik me een goedkoop ticketje. De duurdere zitplaatsen rond de mat lopen al snel op tot enkele honderden euro’s. Het risico om zo’n patser om mijn hoofd te krijgen is me echter niet zoveel geld waard. De namiddag zelf werd best interessant. Vreemd om te zien hoe twee kolossen van gemiddeld elk 2m en 150kilo zwaar eerst tien minuten rituelen uitvoeren, verdomd soepel door de knieën buigen, daarna dertig seconden tot een minuut vechten om tenslotte weer wat rituelen uitvoeren en het veldje te verlaten. Dit wordt gevolgd door twee nieuwe kolossen. Zo gaat dit wel een paar uur door. Het gaat vaak echt snel, maar een paar gevechten waren echt spannend. Opmerkelijk trouwens hoe internationaal Sumo geworden is. De eerste niet-Japanse worstelaar die de hoogste rang behaalde was Akebono uit Hawaï (oorspronkelijke naam: Chad George Rowan). Nu zijn er vooral veel Mongolen en enkele voormalig Oostblokkers zoals de Bulgaar Kaloyan Stefanov Mahlyanov (sumonaam: Kotooshu)

Chanko en sumo-1

 

Chanko en sumo-2

 

Chanko en sumo-3

 

Chanko en sumo-4

 

Later als ik groot én vet ben, wil ik worstelaar worden. Allemaal goed en wel, maar hoe word je groot en – vooral dan – vet?  Volgens de locals zijn er twee dingen. Het eerste is van jongs af aan al trainen, trainen en nog eens trainen. Het tweede punt is Chanko eten. “Eten?” “Hoor ik daar eten?” Dat moest Hot Cuisine de Pierre uitproberen. In de buurt van het stadion waren een aantal restaurantjes waar je dit al generatielang kon eten. Vaak zijn het ex-worstelaars die hun mawashi inruilden voor een koksmuts. Na lang zoeken, rondvragen aan Japanners, binnengaan in de toeristische dienst, nog eens vragen met handen-en-voeten-taal vond ik eindelijk een restaurant in een afgelegen steegje.

Goed, ik daar naar binnen, schoenen uit, zit daar nog niemand om 18u30, zit ik daar dus helemaal alleen aan de toog en krijg ik een menukaart voor mijn neus geschoven. Los van de Engelse woorden begreep ik weinig van het systeem. Op goed gevoel duidde ik iets aan. De serveerster van gezegende leeftijd steekt daar een serenade in het Japans af, ik begreep er echt waar niets van.

Bon, veel vijven en zessen, er wordt een pot voor me geplaatst. Dit was echt een grote pot…vol kokend water. Daarnaast kwam er een schaal vol vis, schaaldieren, groenten, gehaktballen en vlees. Doe er ook nog maar een eitje bij. Verder volgde er een kannetje met een soort van krachtige bouillon, een kruidenpasta en wat verse groene kruiden. Het systeem is simpel. Doe iets van het bord in de grote pot, laat het even koken. Schep het in een kleiner kommetje en breng dit op smaak met de pasta, de kruiden en de bouillon. Het resultaat was echt wel lekker en los van de copieuze hoeveelheid eigenlijk gezond.

Eet die Chanko dus dag in dag uit en ik garandeer u: ooit word je groot én vet.

Alle gekheid op een stokje, een dagje Sumo met als afsluit een portie Chanko is best een aanrader. Goedkoop is het niet, dat besef ik. Reken op 25 à 30 euro voor de Chanko en toch wel 30 euro voor een ticket. Zoals ik echter al eerder aanhaalde in mijn schrijfsels over Japan (zie: Japan Het Slotstuk), is low-budget reizen in Japan een kwestie van keuzes maken. Mocht je in mijn voetsporen treden – stel u voor, ik een trendsetter – ga dan wel met wat meer mensen én een lege maag Chanko eten. Stuur me een kaartje.

Chanko en sumo-5

 

Chanko en sumo-6

 

Chanko en sumo-8

 

Chanko en sumo-13

 

Chanko en sumo-9

 

Chanko en sumo-10

 

Chanko en sumo-12

 

Chanko en sumo-11

 

Chanko en sumo-7

 

Chanko en sumo-14

 

Chanko en sumo-15

 

Al mijn verslagen uit Japan: Japan 1Japan 2Japan 3Japan 4 en Japan 5