Het wordt een jaarlijkse traditie: een tochtje met PB langs verschillende culinaire toppers. Vorig jaar doorkruisten we West-Vlaanderen (link). Dit jaar waren de Kempen de te ontdekken regio. Met een aardig gevuld programma vertrokken we vanuit Diest.

1. Een warme bakker vol goesting

De eerste stop was bakkerij Steurs in Geel, de spreekwoordelijke Zuiderpoort naar de Kempen. De zaak werd opgericht in 1947 en met Peter is het al de derde generatie. Het was zaterdagochtend negen uur en Peter was al even bezig.

– “Al lang bezig?”

– “Van elver uren en ik doe nog door tot een uur of tien.”

De shift zat er dus bijna op. Mijn respect voor ambachtslui zoals bakkers is groot, zeer groot. Een inkijk in Peter zijn atelier maakte het alleen maar groter. Het is niet alleen de werkuren. Bakken (lees: écht bakken) is handenarbeid. Los van de gemoderniseerde kneedmachines, ovens en rijskasten vergt deze stiel veel van een mensenlichaam. De schouders van Peter liegen er niet om. Hier vind je nog echt brood, echte koffiekoeken en echte pistolets. Het is helaas een uitzondering geworden. Neem nu Diest. 25.000 Inwoners en nog twee bakkers. Voor een krokante croissant ga ik op zondagmorgen met spijt in het hart naar de lokale supermarkt. Woonde Peter maar in Diest…

Een van zijn specialiteiten is het Vlietbrood. Met de Vliet Tripel, één van de lokale bieren maakt hij een rond broodje met granen en extra gemalen mout. Elke woensdagochtend liggen ze versgebakken in de winkelrekken. Speciaal voor ons toonde hij hoe het gemaakt wordt. Het resultaat is een stevig, smaakvol en voedzaam broodje. Dat konden we wel smaken. Naast brood met Vliet experimenteert Peter volop met andere bieren, granen en bloem. Het is niet evident, getuigt hij, om te concurreren tegen de supermarkten. Toch loont zijn ambachtelijke aanpak. Hij wordt gevraagd voor demonstraties, de bakkersscholen komen graag langs en de klanten weten het te smaken. Het geeft hem de goesting om verder te doen.

Hoewel ik er gerust een dag zou kunnen blijven, moeten we op weg naar een tweede stop. Met een zak vol Vlietbroodjes trekken we verder. Weet goed dat als je ooit in de buurt bent, een bezoek aan deze bakkerij zeker de moeite is!

vlietbrood-2 vlietbrood

2. Liefde voor dieren én kaas

Stop twee was de geitenboerderij Polle in Lichtaart. De bezielers zijn Paul D’Haene en zijn vrouw. Polle’s geitenkaas is een begrip tot ver buiten de Kempense grenzen. De geiten zijn schattig en de kaas is overheerlijk. Toch is het een keiharde stiel. Dat maakt ons bezoek dadelijk duidelijk. ‘s Nachts was de elektriciteit uitgevallen en dat zorgde voor heel wat onverwachte problemen. Bovendien is de zaterdag één van de drukste dagen. Tonnen respect dus voor dit koppel. Lang wilden we hen niet van hun werk houden, dus hielden we het bij een bezoekje aan de stallen en kochten we wat kaas.

Bij de boerderij is namelijk een hoevewinkel waar je verschillende producten, zoals kaas, melk en ijs kan kopen. Verder vind je ze ook elk weekend op de markten. Op zaterdag aan Oude Vaartplaats te Antwerpen van 9.00 tot 16.00u en op zondag op de Boerenmarkt van Herentals van 8.30 tot 13.00u.

 Het was trouwens de hoogste tijd voor de lunch. Wat sneetjes Vlietbrood met verse geitenkaas van de Polle, meer moest dat niet zijn.

  geitenkaas-3 geitenkaas-1 geitenkaas

3. ‘Ik wil ook zo’n bompa.’

Van al die kaas krijg je dorst, dus was het tijd voor wat lekker gerstenat. Jul Molenberghs is de brouwer van Huisbrouwerij De Vliet. Inderdaad, u bekend van het brood van Peter Steurs. Strikt genomen is het meer een garagebrouwerij. De garage van Jul is namelijk omgebouwd tot een café met toog, vaten als tafels en een kleine brouwerij. Hier vonden al legendarische avond plaats, daar ben ik zeker van. Jul begon eind de jaren tachtig toen termen zoals ‘craft beer’ nog niet hip en trendy waren. Ondertussen wordt de Vliet en Zeunt, de twee eerste bieren, gebrouwen in Lochristi bij de Proefbrouwerij. De installatie in de garage wordt nu enkel gebruikt voor “experimentjes”.

“De gezelligste familiefeesten van het land, die vind je hier.”

Jul is gepensioneerd, maar zeg nu zelf: wat bier brouwen in de garage, is dat niet de perfecte invulling van je pensioen? Zijn kinderen en kleinkinderen helpen bij het brouwen, de administratie en de logistiek. Ik kan me levendig voorstellen dat de familiefeesten ten huize Molenberghs reuzegezellig zijn. Ook hier zou ik uren kunnen blijven. Helaas staat er nog van alles op het programma en een Vliet Tripel en een Zeunt om 12u00, dat is toch al voelbaar.

Mijn grootvaders zijn de max en ik zou ze nooit ruilen. Maar een extra brouwerbompa, dat mag er altijd nog bij.

vliet-tripel

4. Een heerlijk grensgeval

Voor de voorlaatste  stop moeten we even rijden. We doorkruisen de Kempen tot helemaal in het Noorden op de grens met Nederland. Te bezoeken: brouwerij Dochter van de KorenaarDit is één van mijn favoriete brouwerijen van het land. Ik leerde het kennen via het programma Tournee Generale en het bier Embrasse. Ondertussen heb ik, denk ik, de volledige collectie geproefd. In de oude vestiging is nu een café, winkel en worden nog enkele bieren gebrouwen. De zaakjes gingen zo hard dat er uitgeweken werd naar een nabij gelegen fabriekspand. Daar sluiten we aan bij een Nederlandse amateurbrouwers.

“Bent u een Belgisch of Nederlandse brouwerij?” – één van de amateurbrouwers

Ronald, de brouwer is een Nederlander, de brouwerij ligt op Belgisch grondgebied en op de etiketten staat uit commercieel interessantere uitstraling België. Het is dus een grensgeval. De brouwstijlen zijn echter zonder twijfel internationaal. IPA, zware stouts, rijpen op whiskyvaten, dit is inderdaad atypisch voor de nog steeds iets conservatievere Belgische bierwereld. We krijgen de primeur de Amitié te proeven. Deze Red Ipa is een samenwerking tussen Hof Ten Dormaal (link) en Dochter van de Korenaar. Verder krijgen we een rondleiding in de brouwerij met als hoogtepunt een inkijk in de rijpingskamer met een twintigtal wijn-, whisky- en sherryvaten vol bier. Hier ligt serieus wat smaakvol vloeibaar goud, me dunkt. Eindigen doen we terug in de oude brouwerij, waar ik nog eens mag proeven van een Crime Passionel, één van mijn favorietjes.

Ja, die Dochter van de Korenaar, daar hou ik van. dochter-van-de-korenaar dochter-van-de-k

5. Een mysterie onthuld

Het moet een half jaar geleden zijn dat ik tijdens een evenement een doosje kreeg met als opschrift: Belgische Saffraan. Saffraan uit België, dat moet wel wat raars zijn. Dus bleef het in mijn kruidenlade zitten. Tijdens mijn bezoek aan Polle en bakkerij Steurs zag ik dit echter bij de erkende streekproducten in de etalage liggen. Misschien was dit toch niet zo ‘raar’? We hadden na de Dochter van de Korenaar tijd over en na een telefoontje, wat op Google Maps gezocht te hebben, lag onze vijfde afspraak vast. In letterlijk “the middle of nowhere” (Morkhoven) ligt de Belgische saffraanboerderij ‘Belgische Saffraan‘. Na gehoord te hebben hoe drie renners van Etixx-Quickstep onbegrijpelijk Omloop Het Nieuwsblad verloren, belden we aan.

Marc is samen met zijn vrouw Linda de drijvende kracht achter dit project.

“Ken je de ring rond Antwerpen? Die geluidswerende muur langs de E313 in Wommelgem? Wel, de derde deur in die muur, daar woon ik. Daarom ben ik naar hier verhuisd.”

Het valt te begrijpen dat ze naar deze boerderij verhuisd zijn. De gigantische tuin is een oord van rust. Ik ben benieuwd naar het mysterie van de saffraan. Blijkt dat ze tijdens een vakantie in Frankrijk een krantenartikel lazen over een saffraankwekerij in het noorden van het land. ‘Als het daar lukt, waarom dan niet in België?’, dacht Marc. En zo begon het project. Vol passie vertelt Marc ons hun verhaal. Over hoe slecht de meeste saffraan wel is, hoe intensief de teelt is en hoe blij topchefs zijn met dit product. Hieronder zie je trouwens het verschil tussen hun echt rode saffraan en die dat verkocht wordt aan toeristen in Noord-Afrika. Kan het nog duidelijker zijn? Vaak wordt baksteen onder het saffraanpoeder gemengd om het roder te doen lijken. Echte saffraan is duur, zeer duur. Tot 40 euro per gram. Hoewel de prijs het tot één van de duur ingrediënten ter wereld maakt, heb je van de echte saffraan hoogstens een draadje of twee à drie nodig. Zo smaakvol is het.

Het proces is intensief, zeer intensief. Nadat de bollen geplant worden, moet het veld minutieus in de gaten gehouden worden. Muizen eten dit nogal graag. Wanneer de bloemen tevoorschijn piepen, zijn enkel de drie rode stampers bruikbaar. Die worden dan snel manueel geknipt, dadelijk gedroogd in de oven om daarna in een pot bewaard te worden. Het proces van planten tot bewaren duurt al gauw vier tot vijf maanden.

Van Antwerpen Stad naar deze verlaten vlakte, van een drukke job in de bouw naar het geduldig werk van saffraanteler, het verdient enorm veel respect. Het resultaat mag er echter zijn: een op en top kwaliteitsvol eindproduct.

En die saffraan in mijn kruidenlade, die gebruik ik snel in één topgerecht.

saffraan-3 saffraan-2 saffraan

Het mag duidelijk zijn: in de Kempen zit het vol gepassioneerde mensen. Bakker Peter, Paul de geitenboer, Jul en Ronald de brouwers en Marc en Linda de saffraantelers, het zijn stuk voor stuk ambachtslui die respect verdienen.

De Kempen, een aanrader!

(zeg dat een West-Vlaming het gezegd heeft.)

 

 

Meer info:

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *